|
11.000 jaar
gevangenisstraf
Wat weet het Nederlandse volk van het gevangeniswezen in
ons land? Het departement van justitie heeft ons in de
gelegenheid gesteld een uitvoerige fotoreportage te
maken van de Bijzondere Strafgevangenis te Leeuwarden,
waardoor wij in staat zijn onze lezers een beeld te
geven van leven en arbeid van de tot langdurige
vrijheidsstraffen veroordeelden Eerst daarna komen de
ontwikkeling en de ontspanning, die er, door het geven
van cursussen, goede films, lezingen en
muziekuitvoeringen, op gericht zijn de zelfwerkzaamheid
te bevorderen. „Ik streef er naar, dat de mensen tijd te
kort komen,” zegt de heer Jansen en wij hebben volop
gelegenheid gehad om te constateren, hoe juist die
woorden zijn.
De arbeid is het beste middel om onverschilligheid en
degeneratie tegen te gaan; geen geestdodende
werkzaamheden, doch volwaardige arbeid, zoveel mogelijk
aangepast aan het tempo van de vrije maatschappij. Men
hoopt hiermee te bereiken, dat de gedetineerden, na
afloop van hun straftijd, onmiddellijk hun oude beroep
weer kunnen opvatten of hun brood kunnen verdienen in
het nieuwe vak, dat zij geleerd hebben. Het doel is om
te geraken tot een gedifferentieerd strafsysteem,
waarbij elke gevangenis een bepaald soort bevolking en
regime heeft. Tot dusverre bestond veelal een selectie
naar leeftijd (voor jeugdige delinquenten bestaat de
Jeugdgevangenis te Zutphen) en naar strafduur (iedere
mannelijke veroordeelde met een straftijd van vijf jaar
en meer kwam automatisch in Leeuwarden terecht).
In de toekomst zal rekening worden gehouden met karakter,
opvoeding en milieu van de gestraften en natuurlijk zal
zijn gedrag van grote invloed zijn op de beoordeling. In
het kort gezegd zullen de gevangenen in twee stadia
worden geselecteerd: a. een eerste selectie door
daarvoor speciaal benoemde selecteurs, onder andere
onder medewerking van de psychiater, met het oog op de
plaatsing in een bepaald strafgesticht; b. een tweede
selectie in ieder strafgesticht zelf, zulks in verband
met plaatsing in een bepaalde gemeenschapsgroep. Dit
systeem wordt te Leeuwarden reeds op beperkte schaal
toegepast. Ter verduidelijking hiervan moeten wij
allereerst een algemeen verbreide misvatting rechtzetten.
De meesten onzer denken, dat de gevangenen gedurende het
eerste deel van hun straftijd (vijf jaar wordt wel
aangenomen!) uitsluitend in hun cel verblijven en dat
eerst daarna enig werk wordt verricht.
Dit is slechts zeer gedeeltelijk juist. Er wordt
inderdaad begonnen met een observatietijd, doch de duur
hiervan hangt geheel van het individu af. In die tijd
worden de gedragingen van de gedetineerde bestudeerd, de
directeur en de sociale ambtenaar gaan met hem praten,
proberen hem over zijn moeilijkheden heen te helpen en
trachten na te gaan in welke richting hij zijn
capaciteiten het best kan benutten. De directeur staat
altijd open voor wensen en klachten van gedetineerden.
Elke donderdagmiddag wordt het zogenaamde spreekrapport
gehouden. „Het twistpunt cel of gemeenschap is geëindigd
in de conclusie: cel én gemeenschap,” zegt ons dr. van
der Grient.
In de praktijk is gebleken, dat de beste en ook door de
gevangenen meest gewaardeerde vorm is: overdag in
gemeenschap werken, ’s avonds gemeenschappelijke
ontwikkeling en ontspanning en gedurende de nachtelijke
uren afzonderlijk verblijf in de cel. En laten wij
hierbij direct naar voren brengen, dat men zich die cel
niet meer moet denken als de kale, ongezellige en
practisch ongemeubileerde ruimte, waarin niets de
gevangene de idee geeft een eigen „thuis” te hebben.
Vooral gedurende de laatste jaren zijn te Leeuwarden
geheel in eigen beheer uitgevoerd talrijke verbeteringen
aangebracht.
De directeur stelt zich terecht op het standpunt, dat
licht en lucht niets kosten, zodat geleidelijk alle
celramen worden vergroot. Het beruchte tonnetje is uit
het gezicht verdwenen en staat nu in een hokje met
aparte ventilatie. De gedetineerden mogen hun cel ook
wat gezelliger maken; men zal er geen luie stoelen of
salontafeltjes aantreffen, doch een eigen boekenplankje,
een collectie foto’s en een bloemetje op de vensterbank
zijn toegestaan. De grondgedachte bij dit alles is, dat
de straf rechtvaardig, maar menselijk moet zijn. Er
moeten nieuwe mensen worden gevormd, geen uitgestotenen
aan de maatschappij worden teruggegeven. Het is
begrijpelijk, dat van groot belang in dit systeem van
heropvoeding de zorg is, die aan de gezinnen wordt
besteed.
De gevangene mag niet de pijnigende gedachte hebben, dat
zijn verwanten al te zeer de nadelige gevolgen
ondervinden van zijn verkeerde handelingen. Deze
ongetwijfeld goede gedachte is zo gemakkelijk
uitgesproken, doch de uitwerking er van is
bovenmenselijk moeilijk. De verwijdering van man, vader
of zoon uit het gezin is nu eenmaal een niet weg te
redeneren feit en de morele gevolgen kúnnen met geen
mogelijkheid geheel worden tegengegaan. Het grote
verschil met de vroegere toestand is echter, dat men
begrip en aandacht heeft voor deze omstandigheden. Veel
is destijds in dit opzicht al verbeterd na de instelling
van het celbezoek. Hoe zegenrijk dit contact echter ook
werkt, er kan niet worden voorkomen, dat de man perioden
van neerslachtigheid heeft, als hij aan zijn gezin denkt.
Wij zouden het daarom toejuichen, als er een systeem van
loonbetaling kon worden ingevoerd, waarbij de mannen een
zekere prikkel ondervinden, omdat zij gedurende hun
detentie nog iets voor het gezin kunnen doen. Als wij
ons niet vergissen heeft deze zeer moeilijke materie ook
de aandacht van het departement. Thans verdient een
gevangene vijftien tot vijftig cent per dag; in
bijzondere gevallen kan een prestatiepremie worden
toegekend, waardoor het loon tot vijfenzeventig cent per
dag kan oplopen. De helft van dit bedrag is zakgeld en
mag worden besteed voor een extraverstrekking in de
cantine.
De andere helft wordt, behalve voor tot levenslang
veroordeelden, vastgelegd in een uitgaanskas, welke
onvervreemdbaar is, ook voor belastingbetaling, en de
man ter hand wordt gesteld, wanneer hij de inrichting
verlaat. Om te voorkomen, dat „onmaatschappelijken
onmaatschappelijk worden behandeld, waardoor zij
onmaatschappelijk in het kwadraat uit de gevangenis
komen,” zoals de directeur het stelt, is het
noodzakelijk, dat aan de opleiding van het personeel
grote zorg wordt besteed. Het komt hierbij vooral op de
geest aan, die in de eerste plaats gemaakt wordt door de
directeur, doch die in dezelfde mate bij zijn
medewerkers aanwezig moet zijn.
Na de middagpauze begeven de gedetineerden zich weer
naar hun werk. Het is psychologisch van grote betekenis,
dat zij het werk verrichten op een andere plaats dan
waar zij verblijven. De bewaarders moeten de nodige tact
en het geduld bezitten om met dit moeilijke
mensenmateriaal te kunnen omgaan en zij moeten de gulden
middenweg weten te vinden tussen vertrouwelijke omgang
enerzijds en discipline, orde en tucht anderzijds. Een
slap regime past niet in dit stelsel, want geen enkele
gemeenschap kan goed functionneren zonder dat bepaalde
regelen strikt in acht worden genomen. In de
gevangenissen hoort slechts personeel thuis, dat een
sterke menselijke verantwoordelijkheid kan en wil dragen.
Omgekeerd behoort de staat deze employé’s
levensmogelijkheden te verschaffen zonder grote
materiële zorgen en de gelegenheid open te stellen hun
goede eigenschappen te ontwikkelen. Wanneer wij zien en
ervaren wat in dit gesticht reeds tot stand is gebracht,
krijgen wij een gevoel van dankbaarheid en bewondering.
De heer Jansen, die als leraar M.O. uit het middelbaar
technisch onderwijs afkomstig is, begon dertig jaar
geleden zijn loopbaan bij het gevangeniswezen te
Groningen en kwam na enige jaren als adjunct-directeur
van de arbeid naar Leeuwarden.
Er werd in die tijd wel door de gevangenen gewerkt, doch
machinale arbeid kende men nog niet. Toen bestond de
gevangenisbevolking uit honderdtachtig criminelen,
hetgeen vrij veel was. De gevangenisbibliotheek telt
duizenden werken op allerlei gebied. Gebruik is, dat de
boeken aan de gevangenen worden bezorgd. Momenteel telt
de Bijzondere Strafgevangenis ongeveer vierhonderdzestig
bewoners, waarvan twee derde gedeelte politieke
delinquenten zijn. Een huiveringwekkende bijzonderheid
is, dat deze groep bij elkaar nog ongeveer een straftijd
van elfduizend jaar moet doormaken, bij welke berekening
de honderddertien levenslangen gemiddeld op twintig jaar
zijn geschat….
Welke problemen door deze enorme uitbreiding van het
aantal gedetineerden ontstonden, kan men slechts bij
benadering begrijpen. De huisvesting baarde grote zorgen,
in het begin ook de onderlinge verhouding tussen
politieken en criminelen. Nog worden beide groepen
zoveel als doenlijk is gescheiden, doch de scherpe
kanten zijn er al lang af en zij werken, studeren en
genieten hun ontspanning normaal gezamenlijk. Dit alles
heeft ten doel het leven in de gevangenis menselijker te
maken. Er kwamen frisse slaapzalen voor de gevangenen,
die in volledige gemeenschap in het gesticht verblijven.
Zij slapen er in hangmatten, die overdag, keurig
opgevouwen, uit het gezicht liggen.
De zolders werden omgetoverd in zalen, waarin de
werkplaatsen zijn gevestigd. Het luchten geschiedt niet
meer in de trieste, ommuurde kooien, doch op de ruime
binnenplaats. Van de stenen der afgebroken luchtcellen
werd een metaalbedrijf opgetrokken, dat voorzien is van
de modernste machines. Men is er momenteel bezig de
installatie van een plasticfabriek te vervaardigen,
hetgeen een schat aan deviezen bespaart, want deze
machines konden alleen in Amerika worden verkregen. Al
deze werkzaamheden zijn in eigen beheer en door eigen
krachten uitgevoerd. Hiermede waren uiteraard
aanzienlijke bedragen gemoeid, doch wanneer men ze had
aanbesteed, zouden de kosten aanzienlijk hoger zijn
geweest.
Dit geld is ook hierom goed besteed, omdat de
gemeenschap in casu allerlei overheidsinstellingen
ruimschoots profiteert van wat de gevangenen produceren.
De kapper, eveneens een gedetineerde, gaat de werkzalen
rond en bedient zijn klanten. Men ziet hem hier op de
afdeling boekbinderij. In de kleermakerij wordt de
uniformkleding voor het P.T.T.-personeel gemaakt, de
weverij vervaardigt onder andere handdoeken voor de
Nederlandse Spoorwegen, wij hebben in de afdeling
zadelmakerij prachtige instrumententassen gezien,
eveneens voor de P.T.T., en in de autorevisie-inrichting
maken de gedetineerden van hopeloos lijkend oudroest op
wielen weer een glanzende wagen. Zo zijn er elf
bedrijven, die elk voor zich bekwame vakmensen kweken en
goede producten afleveren.
Deze arbeid is psychologisch van de grootste betekenis,
doch hij vult nog niet de gehele dag van de gevangene.
’s Avonds kunnen de gestichtsbewoners allerlei cursussen
volgen, die onder leiding van drie aan de gevangenis
verbonden onderwijzers door bevoegde leerkrachten uit de
groep der gedetineerden worden gegeven. Het is
gemakkelijker op te sommen wat men er niet dan wat men
er wel kan leren; de plaatsruimte laat helaas ook niet
toe al te uitvoerig op dit stellig belangrijke onderdeel
van het gevangenisleven in te gaan. Laten wij volstaan
met te vermelden, dat op het laatste examen voor het
behalen van het middenstandsdiploma opmerkelijke
successen zijn geboekt: van de eenenzestig candidaten
slaagden er zestig met een gemiddeld cijfer per vak van
7.7, ongeveer anderhalve punt boven het landelijk
gemiddelde! Ontroerende ogenblikken beleefden wij op een
concert van het mannenkoor en een muziekensemble. De
kerk dient tevens tot ontspanningszaal.
Als het gordijn wordt opengeschoven, kan het lokaal
worden gebruikt voor de katholieke eredienst. De gehele
inrichting werd in eigen beheer uitgevoerd. De zaal, die
tevens dienst doet als kerk, was gevuld met genodigden,
die aandachtig en getroffen de verrichtingen van het
honderdvijfenzestig man sterke koor volgden. De dirigent,
een der politieke delinquenten, gaf blijk van grote
muzikaliteit en leiderscapaciteiten. Wat gaat er in de
hoofden van deze mensen om, als zij in het Gloria van A.
B. H. Verheij „miserere nobis”, ontferm U onzer, zingen
als een persoonlijke betuiging van deemoed? Vast staat,
dat de spanning van het verlangen enkele uren wordt
verbroken en dat zij zich in een andere wereld kunnen
verplaatsen. Dat dit in deze omgeving kan worden bereikt,
is een weldaad, waarvan het diep ingrijpen in de geesten
dezer mensen moeilijk op zijn juiste waarde kan worden
geschat.
Wij zijn dankbaar deze ondervinding te hebben opgedaan
en wij hopen onze lezers enigermate de sfeer van dit
aparte wereldje te hebben doen gevoelen. Als wij iets
hebben kunnen bijdragen tot het vestigen van een beter
begrip omtrent deze maatschappelijk mislukten en de
plichten van de gemeenschap ten opzichte van hen, achten
wij ons ten volle beloond. Wat weet het Nederlandse volk
van het gevangeniswezen in ons land? Het departement van
justitie heeft ons in de gelegenheid gesteld een
uitvoerige fotoreportage te maken van de Bijzondere
Strafgevangenis te Leeuwarden, waardoor wij in staat
zijn onze lezers een beeld te geven van leven en arbeid
van de tot langdurige vrijheidsstraffen veroordeelden.
De ingang van de Bijzondere Strafgevangenis te
Leeuwarden. Dit gedeelte van het gebouw dateert van
1872.De directeur staat altijd open voor wensen en
klachten van gedetineerden. Elke Donderdagmiddag wordt
het zogenaamde spreekrapport gehouden. Na de middagpauze
begeven de gedetineerden zich weer naar hun werk. Het is
psychologisch van grote betekenis, dat zij het werk
verrichten op een andere plaats dan waar zij verblijven.
De kerk dient tevens tot ontspanningszaal.
Op de binnenplaats heeft men een duivenhok, dat door
enkele gedetineerden wordt verzorgd. Zij besteden er al
hun vrije ogenblikken aan. De gevangenisbibliotheek telt
duizenden werken op allerlei gebied. Gebruik is, dat de
boeken aan de gevangenen worden bezorgd. Het eten halen
gebeurt op dezelfde wijze als in militaire dienst.
Kamersgewijze vormen de gedetineerden een rij, waardoor
het dragen der gamellen wordt vergemakkelijkt. De
ziekenzalen zijn ruime en frisse lokaliteiten, die een
inrichting hebben, waarop menig ziekenhuis-directeur
jaloers kan zijn. In de afdelingboekbinderij maakt men
zeer goede werkstukken. Men is er onder andere bezig aan
het vervaardigen van postzegelboeken voor de P.T.T.
Een hoofdverpleger en een verpleger behandelen een
patiënt in de tandheelkundige afdeling, welke van een
volledige moderne apparatuur is voorzien. In het
luchtuurtje maken velen gebruik van de gelegenheid om
hun spieren soepel te houden. In het luchtuurtje maken
velen gebruik van de gelegenheid om hun spieren soepel
te houden. Zij spelen dan handbal of maken gymnastische
oefeningen Zij spelen dan handbal of maken gymnastische
oefeningen. Daar de gedetineerden geen lucifers mogen
bezitten, gaan de bewaarders in de rooktijd met
zogenaamde pitje langs de cellen. Op de
gemeenschappelijke kamers branden voor dit doel kleine
gaspitjes. Deze gedetineerde wordt „de archivaris”
genoemd. Hij maakt een uitgebreide studie van de
geschiedenis van de gevangenissen kan daarvoor
beschikken over oude boeken uit de stadsarchieven. Op de
gemeenschappelijke slaapzalen slapen de gevangenen in
hangmatten, die overdag keurig gevouwen op een soort
vliering liggen.
De kapper, eveneens een gedetineerde, gaat de werkzalen
rond en bedient zijn klanten. Men ziet hem hier op de
afdeling boekbinderij. Een der ambtenaren heeft tot taak
de inkomende en uitgaande post te censureren.
Drieduizend poststukken passeren elke week zijn handen
en ogen. Een der gedetineerden heeft een hoek van zijn
cel ingericht tot horlogewerkplaats. Hier kort hij zich
de tijd met allerlei instrumenten; tevens is hij
aangesteld om dagelijks alle klokken in de gevangenis op
te winden. Lucht en licht kosten niets, is het devies
van de directeur. Lucht en licht kosten niets, is het
devies van de directeur. Nog zijn niet alle cellen
voorzien van vergrote ramen, doch het werk wordt
gestadig voortgezet. Nog zijn niet alle cellen voorzien
van vergrote ramen, doch het werk wordt gestadig
voortgezet. Onze foto toont de nieuwe en de oude
toestand. Bezoek in nieuwe stijl.
Gevangene en bezoekster zitten in een behoorlijk
kamertje, slechts gescheiden door een tafel.
Noodzakelijk is natuurlijk wel, dat een bewaarder het
gesprek bijwoont. De wielen van de oude celwagen zijn
door eigen krachten in de smederij tot fraaie
lichtkronen voor de kerk omgevormd. Dat de directeur
zijn oude vak nog lang niet verleerd is, toont hij door
in de afdeling metaalbewerking deskundig de vijl te
hanteren. De twee leraren, die steeds in het leslokaal
zijn te vinden (eveneens gedetineerden), korten zich de
tijd met een genoeglijk spelletje schaak. Bij een
radioreportage in de gevangenis was ook de bekende
oud-kinderrechter mr. G. T. J. de Jongh aanwezig. De
A.V.R.O.-reporter Herman Jonker houdt deze strijder voor
een meer humaan gevangeniswezen de microfoon voor.
Huidige situatie 2003 Dit boekje is op 25 sept. 1999 tot
stand gekomen. Tekstbewerking: Petra Helfrich.
In opdracht van: P.O.V. Justitia. Bron van 11.000 jaar Leeuwarden: Blad Panorama 13
januari 1949
▲geschiedenis
|