Parketwagen achterdeur
De parketwagens werden binnen gehaald via de "achterdeur" op
de begaande grond van het cellenblok van de A vleugel aan de
Keizersgracht. In de parketwagen zaten de nieuwe inkomsten
of gevangenen die op transport waren.
De gedetineerden werden dan tijdelijk geplaatst in de
wachtcellen op de gang die tussen het cellenblok en de
portiersloge aan de Keizersgracht. In deze gang was ook het
bad. In de tijd van badmeester Marinus Postuma ben ik met
zijn hulpje Minnema naar het ziekenhuis geweest.
Deze had een stukje kalk in zijn oog gekregen met het
douchen. Dat was de eerste keer dat ik met een "boef" op pad
moest en ook nog met de handboeien aan mij vast.
Er was een bewaarder die de sleutel van de achterdeur
liet vallen Hij had er geen erg in, maar een "boef" wel en
hij stak die sleutel in zijn zak. Hij had niet door dat ik
het gezien had. Ik ben later naar hem toegegaan en hield
mijn hand op en zowaar hij gaf hem terug. Hij wist niet dat
dat een sleutel was die voor hem de vrijheid zou kunnen
betekenen.
Vanuit de wachtcellen gingen ze eerst naar de bevolking,
dan naar het bad. dan naar de inkomstencel (cel 5 ) op vlak
A om vervolgens naar een cel of zaal te gaan. Ook wel
moesten wij mensen brengen naar de B vleugel, Maar daarvoor
kwamen de parketwagens op het Blokhuisplein.
Later ging alles vanaf die kant.. Toen ik in 1980
kwam was er net een overgang van regiem . De collega's van
toen mochten niet met de "boeven" praten. De ouwe
huismeester Woestenburg stond op de ring en vroeg aan een
personeelslid die wel praatte of de "boef" misschien familie
van hem was.
Tijdens de nachtdienst kregen wij sloffen, want we
mochten niet gehoord worden op de etages tijdens de
nachtrondes. Wij kregen wel de opdracht socialer te worden
in de omgang.
Wij hebben niet meer meegemaakt dat de boeven 's morgens
bij het tellen naast hun bed moesten staan en het bed moest
worden opgeklapt. De gevangenen mochten er overdag niet op
liggen. In de strafcellen is dit nog wel het geval, overdag
de matrassen er uit. Dat "circus" op de cellen is ons
bespaard
Ophalen parketwagen achterdeur
De portier melde de parketwagen aan de dienstdoende vlak
bewaarder van de A vleugel. Hij kreeg de taak om de
parketwagen binnen te halen, hij delegeerde dit aan de
dienstdoende "middenbewaarder".
De middenbewaarder beheerde namelijk de sleutelkast die
in de brigadierskamer op de midden etage was, waar de
sleutels van de achterdeur bevonden. Het hele circus kwam op
gang. De vlak bewaarder gaf een tik op de bel en riep
luidkeels "Bewaarder midden parketwagen achterdeur".
De middenbewaarder pakte de sleutels van de achterdeur
uit de sleutelkast en liep naar beneden om de
parketwagen binnen te halen. Onvoorspelbaar dat dit altijd
goed is gegaan.
De middenbewaarder moest goed opletten of er geen
gedetineerden te dicht bij waren, was het "veilig"dan deed
hij de achterdeur open, liep naar de binnenplaats en deed de
deur snel weer dicht en liep naar de grote deuren op de
binnenplaats om de parketwagen binnen te laten.
De begeleiders van het transport brachten de nieuwe
inkomst naar de wachtcel. Daarna werden de begeleiders weer
door de achterdeur naar buiten gebracht. Dit ritueel
gebeurde soms meerder keren op een dag. Nog nooit is er een
gevangene via deze deur ontsnapt. Er waren wel gevangenen
die vele guldens er voor over hadden om deze sleutel te
krijgen.
Zie ook fotoalbum
van de diaserie voorlichting |