Leeuwarden in de 16e eeuw

Aanvankelijk was de Friese bevolking blij met de macht van buitenaf. De tientallen jaren durende strijd tussen de Schieringers en de Vetkopers was definitief ten einde gekomen en eindelijk was er ruimte voor ontwikkeling en onderlinge samenwerking in Friesland. Leeuwarden ontwikkelde zich in de zestiende eeuw als het belangrijkste handelscentrum van Friesland; de stad voltooide de nieuwe singel, waarmee in de vijftiende eeuw een begin was gemaakt; een verdedigingsgracht rond de drie delen die sinds 1432 samen Leeuwarden vormden en toen stadsrechten had verkregen. Op de terp Oldehove werd in 1527 gestart met het bouwen van een kathedraal. Koning Filips II had opdracht gegeven een statig gerechtshof in Leeuwarden te laten bouwen en stuurde zijn bouwmeester Bartholomeus Jans naar de Friese hoofdstad: tussen 1566 en 1571 werd de Kanselarij gebouwd. Dat was vooral bedoeld om ontzag bij het lastige Friese volk af te dwingen. Het heeft niet geholpen: op de golven van de reformatie elders in de Nederlanden kreeg het katholicisme in Leeuwarden het steeds moeilijker. Geleidelijk ontdekte de Friese bevolking dat verzet tegen de hoge belastingen van de Spaanse repressieve macht moest worden ondernomen.