2006 Survival Team Blokhuispoort


Survival Team Blokhuispoort. De boys van "De Blokhuispoort", survival in de Hooge Veenen Belgische Ardennen. Survivaltraining door Johannes Langohr.

Survival 2006 Donderdag 6 April

verschenen tussen het bouwverkeer the die-hards van deze editie. Wij noemen Stamhoofd Frans van H. Terug van weg geweest Johan H. en Jan van K. Dirk E., Omke C. & Romke P. en onze benjamin Bernie Ut grunn. De gemiddelde leeftijd van de deelnemers van deze survival was aanzienlijk lager dan voorgaande jaren. Dit kwam mede door het ontbreken van Paul van de Help. Gadegeslagen door gedetineerden en bouwvakkers welke allen ongevraagd hun mening gaven over de beste manier van oppakken, inladen en aansnoeren, stapelden we de fietsen op de kar en gooiden we de tuinmeubels op de achterbank. Het was ons gelukt om dit keer zonder vertraging te vertrekken. Nog even langs de slagerij. Aangezien men het vlees moet slachten als het warm is, moesten we nog even wachten tot de slager open was.

 

Tussen de schoolgaande kinderen, gebracht door hun goed verzorgde moeders met de ogen vol slaap stonden wij, gekleed in camouflage pakken, te nippen aan de fles Slivovic (beschikbaar gesteld door de P.O.V.) ‘een behouden vaart’. Van de eveneens beschikbaar gestelde fles jenever heeft niemand meer wat van vernomen.   Na het waggelen van de kar en het klapperen van het dekzeil reden we in drie rijtuigies naar de Outdoor store (Aldi) in Eupen (Be). Onze benjamin viel van de ene in de andere verbazing. Vertrouwelijk had hij ons medegedeeld dat hij een buikflesje berenburg had mee gesmokkeld (ssst, niemand vertellen). Nadat alle verbazingen en vermoedens waren ingekocht streken we neer in het spreukjes bos waar Mr. Guide Hans op ons stond te wachten. Dit jaar was de weg vrij van obstakels en konden we na het uitpakken van het noodzakelijke, het kamp op bouwen. Probeer geen dak te bouwen als er nog geen fundament is gelegd, dus eerst maar weer een nipje van de Slivovic.

 

Met stilzitten is nog nooit een mens vooruit gekomen dus de handen moesten uit de mouwen. De groep werd opgesplitst. De ene helft ging aan het kamp bouwen en de andere liet zich afzetten bij het kopen van het schaarse hout. Het drie talige boerke van vorig jaar had nog wel wat hout liggen. “Geld spreekt een taal die alle volkeren kunnen verstaan” maar het boerke was het meest bedreven in deze taal, wat een gevoelig gat in ons budget sloeg. Slechts een mager gevulde kar met hout was ons deel. De basis voor ontbering was gelegd. Het kamp stond, de blokken hout waren opeen gesmeten, en het vuurtje brandde. Tijd voor de soep, (20 ltr)zonder rijst, en brood na. Nadat de plannen voor de volgende dag waren gesmeed gingen de laatsten om twee uur naar bed. Om vervolgens om 5 uur te worden gewekt door Jan. Zijn biologische klok waarschuwde hem. Het was tijd om de post te bezorgen. Bij gebrek hier aan ging hij maar koffie zetten. Hij gebruikte hier echter zo veel hout voor dat wij allen wakker werden en van de hitte uit onze slaapzakken dreven. Zeven uur werden we definitief uit onze droom geholpen. Niet het spreukjes bos maar Dirk Edelen bos hakte met de botte bijl in op ons tuinameublement (boomstam) . Herstelwerkzaamheden. Het was afgelopen nacht -5gr. geweest. Stijf en koud kropen we uit onze nesten. Menig ervaren Survivaller had het nog niet zo koud gehad als deze nacht. Het was een nacht die je alleen nog maar in fillums ziet. Toen we het ijs van onze brillen- en bierglazen hadden gekrabt konden we de rijp op de takken aanschouwen. Omstreeks 07.30 uur zaten we allen aan het ontbijt.  

 

Vrijdag 7 april

Het geraas vanuit de artiesten ingang van Menno deed mij beseffen dat het de volgende ochtend was. We hadden ook niet langer moeten blijven liggen want om tien uur stond het kanoen op het programma. Met de auto was het nog zeker een uur rijden. Dat de verhuurder een goede bekende van het hout-boerke was bleek wel uit zijn verhuurprijzen. Voor 4 bakelieten tobbes durfde hij 200 Belgische euro’s te vragen: Bitte. “Vrouwen gaan pas economisch denken als hun huishoudgeld op is“. Gelukkig hadden we Lange Jan en Frans B mee, die anders dachten. En aangezien denken niets kost en veel opbrengt was een korting gauw bedongen. Na deze opluchting kon men zich ontlasten in het Huske van de verhuurder. Hiermee was de lucht niet geklaard. Van het concert des survival heeft niemand een program. Zo ook niet van de af te leggen route voor het kanoen. Door de hoge waterstand waren obstakels van andere jaren weggenomen en zat de vaart er goed in. We hadden gaten in de slaapzakken geknipt om het toch nog een beetje warm te houden. Het was tenslotte -5 C. geweest. Het koppel Bernie en Jan bleek een gouden combinatie. Jan verzorgde de fotoos (steadyshot) en de ravitaillering, en Bernie peddelde de slivovic uit zijn bloed. Na 5 kwartier werd er gepauzeerd. De beste stuurlui stonden al snel aan wal. Alleen Bernie hoorde het ruisen der golven toen zijn kano met hem er nog in aan wal werd gekanteld. Na een korte tussenstop, koek en wat rek en trekoefeningen werd het ruime sop weer gekozen. De laatste loodjes met pijn in de onderrug op zoek naar een aanlegsteiger. Geen zee te diep maar wel een golf te hoog, en een natte broek voor ons allen.

 

Dorpje links, nog een laatste bak water die de kano van binnen blank deed staan, maar vooral geen aanlegplaats voor kano’s. “Twee maal de weg vragen is beter dan 1x de verkeerde richting in slaan” Wij hadden kennelijk ambities voor het laatste. Vanuit de verte riep mr. Guide Hans ons dat we meer waar kregen voor ons geld dan ons lief was. Terug peddelen was geen optie gezien de sterke stroming van deze machtige rivier. In de verte voor de boeg lag het kwaad op ons te wachten. “Zouden hier ook extra kosten aan verbonden zijn“?. Spookte er door ons hoofd. Een lichtelijke angst overviel ons. Nat in de broek en het zweet op ons voorhoofd. En voor ons, iets wat ons bespaard zou blijven. Laten we uitstappen bij de volgende boomhalte! Want het terug peddelen was als water naar de zee dragen. Na ook Jan en Bernie overtuigd te hebben met de angst voor het onbekende zetten we voet aan wal. De vloot werd aan wal getrokken. Het tobbedansen was voorbij. Dat we enige bruggen te ver waren gevaren bleek al snel. Gelukkig hadden verschillende mensen hun gsm’s bij zich. Minpuntje was dat niemand het nummer van de verhuurder had onthouden. En dus: gingen 3 man de lanen uit, de paden op.  Onderweg kwamen we een Belgische blokker van voor de oorlog tegen. Opeens waren we Jan kwijt. Jan die het afdingen nu toch in de vingers had, kocht voor slechts 4 euri een knappe, originele authentieke tandenborstel.

 

Na enige tijd in het dorp vond men de bootverhuurder. Deze was verlaat en had geen kans gezien om een halte of iets van een teken langs de route te plaatsen. Lachend en met enig sarcasme reed hij ons naar de anderen, die als schipbreukelingen op de kano’s lagen te slapen. Terug naar het beginpunt deed de verhuurder ons uit de doeken dat slechts een honderd meter verder we terecht waren gekomen in een wildwaterval van een meter of vier. En dit zonder bubbelbad, glijbaan of knuffelmuur. We hadden al zo’n vermoeden… Terug in het kamp besloten Johan en Menno de ATB’s uit het rijp te halen. Gezien het kamp gelegen lag aan een bos wat zich goed leende voor stevig robbertje te crossen. De overige leden hadden de meegebrachte windbuksen uit hun foedraal gehaald. Ze testen hun kunnen op opgestapelde bierblikken. Maar als u geen doel hebt, kunt u niet raak schieten.

 

Dus eerst maar wat blikken leeg drinken. En de blikken deden het doel vervagen dus was het tijd voor het avond rantsoen. We deden we ons tegoed aan karbonades met marinade kruiden en specerijen. Met name Bernie dacht dat dit het laatste was dat zijn darmflora nog aankon. Dus schoof hij er zeven naar binnen. Sindsdien is hij niet meer zichzelf geweest. De avond werd muzikaal ondersteunt door liederen waar alleen Omke en Romke zich raad mee wisten. Maar ook de gitaar wist Jan Smit te vinden en de zon verdween, de nacht verscheen en een ieder zong in symfonie de melodie, la la la la la la la la, la la la, la la la,la la..…  

 

Zaterdag 8 April

Gehak…t dag. Bij het ontspruiten van het ochtend douw klonk wederom Dirk the Woodpecker. Was het de lokroep van een dwangmatige survivaler, of was hij bang te laat te zijn voor het volgende evenement. Ik, was in ieder geval door de wekker van Menno heen geslapen maar werd wakker van de geur van Shoarma. Het was dan ook al 7 uur. De hoogste tijd. Nadat het ontbijt naar binnen was gewerkt en afgeblust met een dopje slosssvovic, en de fietsen in de kar waren vast gesnoerd, gingen we op weg. De route was via de tom tom van Omke al uitgestippeld. Na een stief uurtje toeren kwamen we uiteindelijk via Duitsland/België/Duitsland aan. Verwachtingsvol keek menigeen reikhalzend uit naar wat Jan voor ons in petto had. Dit was ‘his finest hour‘. Gespot en geboekt op de vakantiebeurs van 2004. Alleen voor echte bikkels. Alleen in Belgie en alleen voor ons. Oh ja; ook voor ouders met kinderen vanaf 3 jaar en minder validen.

 

RAIL-BIKEN. (verwachting is teleurstelling) Een karretje, op het spoor, voor 4 personen waarop 2 kunnen fietsen en de andere 2 van de natuur kunnen genieten. (als het niet al te koud is). Voor elke euro dat dit spektakel kostte had Omke wel een argument om vooral niet mee te gaan. Jan liet zich echter niet door de prijs van slechts 60 euro uit het veld slaan. Het afdingen of het verkrijgen van vrij-reizen kaartjes is waarschijnlijk niet eens bij hem opgekomen. Waarschijnlijk werd hij afgeleid door de stromen ouders met kinderen van ver onder de 1.30 cm. Dit was voor ons de reden om plaats te nemen in de voorste rail-bike, om zo niet te hoeven wachten op de traag trappende ouders met hun grootouders en (klein)kinderen. Wij in voorste bike genaamd “Lala“, met Bernie en Frans op de trappers. Daar achter “Tinky-winky” met Jan en Mr. Guide Hans op de trappers en op de reserve bank Johan en Dirk. Klaar voor de start. Maar die was pas om 11 uur. dus nog even een half uurtje blauwbekken in de snijdende koude wind en onder het geraas van Belgische kinderen op zoek naar de plas geitebrijer. Joepie, de euh!, ….pispot! Het startschot viel rond 11.03 uur. Nog stipter dan de N.S. Alleen de aankomst had men dit keer zelf in handen. Het trappen bleek geen kinderspel. Geen versnellingen, geen handremmen en bidons. Enkel een enkel verzet en aanmoediging vanaf de reservebank, wat niet altijd gewaardeerd werd. Frans was spontaan zijn koude oorlogswond vergeten en fietste als een jonge god door België terzijde gestaan door Bernjamin.

 

Gelukkig dat men hier niet het spoor bijster kon raken. Echter voelden, en roken, zij al na enige kilometers de hete adem in de nek van de grootouders en kinderen. Alle zeilen moesten bijgezet worden. Maar door het fijne bochten werk en de aanwijzingen van de reserve bank, wist men een inhaal manoeuvre te voorkomen. Met de tong op de schoen en de heup in het draagmandje kwam men aan. Op de voet gevolgd door de rest van de tien rail-bikes toeristen. De adrenaline gutste door onze aderen. Jan was verheven tot onze held. Wij (of zij) hadden het gehaald. 7 km per spoor.

 

Kedeng, kedeng, oehh oehh,…. Na een kleine pauze mochten we terug fietsen. Klaar voor de start en weg waren we. Zo hard mogelijk en dat ging het(zonder te trappen, hi hi). We snapten niet dat de heren er zo’n moeite mee hadden gehad maar al snel bleek dat het spoor van boven naar beneden liep. Als dwazen vlogen we door de bochten. Hier en daar werd, er uit angst om te ontsporen ,geremd. Buigen of barsten, remmen of ontsporen. Of waren we al lichtelijk ontspoord. Eerst de schaamte om op een kinder atraktie het spoor bijster te raken en toen de kick om zo hard mogelijk ons te laten ontsporen. Toch niet zo gek zo’n vakantie beurs. Zie: www.Rail-bike.be Met de wielen nog na gloeiend op het spoor was het tijd voor een lokaal bakje koffie. Herr Franz wist nog wel een adresje in die nehe. Dit was geen cafeetje in sneek maar hier klonk het Horst Wessel lied en dronk men koffie met een joden koek. En ook hier waren de neger zoenen niet van de kaart gehaald . Ook kon men hier douchen, maar we moesten nog fietsen. De route was uitgezet. Volgens Hans een kilometertje of 25. Wij krabten ons achter het hoofd want met de auto was het al een stief uurtje rijden geweest. Maar vol goede moed zetten wij koers naar de hoek van de straat. Kaart er bij.

 

Mr guide had echter al een jaar niet meer op de fiets gezeten en zijn knieen begonnen te knikken. Was dat wellicht de reden dat er om de 5 km een kaart geraadpleegd moest worden? Met nog 20 km te gaan werd de bezemwagen ingeroepen. We waren op ons zelf aangewezen. Zonder gids de weg terug vinden. Verantwoordelijkheden werden afgeschoven. Niemand wilde de schuld op zich nemen om op het slechte pad te geraken. Via wegen en dalen en een mooie ATB-route door het bos kwamen we tot ieders verbazing aan op het kamp.

 

De avond was gevallen, de billen gewassen in de beek en het hout was schaars. Het meubilair moest er aan geloven. De driezitsstam lag al op het vuur. De bonte avond was begonnen. Het weer was onstuimig. De regen zorgde voor overlast zo ook Jan die met de noordenwind was vertrokken. Jan was zoek maar de sparerib lagen te wachten en het dekzeil stond op instorten. Na wat stevige rukwinden viel ook de paal die het kamp enigszins overeind hield op de ruim bedekte gril. De sparerib sate waren een feit. Het zeil werd voorzien van afwatering, de sparerib gegeten en toen een avond wandeling om het eten te laten… euh om Jan te zoeken. Met de zaklamp in de aanslag kwam Jan vrolijk aan gewandeld met een handdoekje onder zijn arm. “Even opfrissen zonder publiek”. Toen rond twaalven bijna iedereen sliep waren wij nog druk in de weer om de laatste restjes drank op te ruimen. In ons benevelde enthousiasme ruimden we al het overgebleven meubilair in 1 keer op. Dat gaf een heerlijke warmte. Iedereen werd even wakker om te controleren of de wenkbrauwen er nog zaten. Ook ons tijdsbesef was inmiddels opgeruimd en we zochten onze rokende slaapzak op.  

 

Zondag 9 April

Dit maal klonken er meerdere wekkers onder de dekens vandaan. De meesten sliepen er door heen. Waarschijnlijk verkouden. Dat wat nog niet was opgeruimd vond zijn weg naar de kar. Inpakken en wegwezen. Op naar de chinees in Vaals. Het was rustig in het verkeer. Geen hond op de weg. Aan tafel werd de gebruikelijke estafette naar het toilet gelopen, bami pangpang gegeten en het thuisfront op de hoogte gebracht dat we onderweg waren.

 

Nog even voor Leeuwarden werden de remmen beproefd. Net niet achterop een losgeslagen broodjes kraam geknald. Veilig thuis. Wederom een geslaagde survival mede mogelijk gemaakt door de POV en de directie van de BHP en mr Guide Hans. Hiervoor hartelijk dank.

 

Voor het volgend jaar hebben alvast wat oude smoesjes die u niet meer kunt gebruiken. Ziek, Zwangerschap (gemiddelde zwangerschap is 9 maanden houd u hier rekening mee met de planning), Krantenwijk, Mobieltje kapot, huis opknappen en de brug stond open.  

 Omke & Romke