Annie Nieuwland


Hulp in de huishouding

Een ontmoeting in de zomer van 2019 met Annie Nieuwland, hulp in de huishouding in de Bijzondere Strafgevangenis te Leeuwarden.  Op 14-jarige leeftijd komt Annie Nieuwland aan het werk in de huishouding voor dhr. Noordhoff, directeur van de Bijzondere Strafgevangenis te Leeuwarden. Hij wordt, na eervol ontslag in 1942, opgevolgd door dhr. A.B.R. Jansen waar ze een aantal jaren voor blijft werken. Historisch gezien mag dhr. A.B.R. Jansen de grondlegger genoemd worden van een nieuw gevangeniswezen tijdperk in het ontwrichte Nederland na de 2e wereldoorlog. Een plakboek vol foto’s herinnert haar aan die fijne periode.

 

De oorlogsjaren: 

Om mede de kost te verdienen moesten veel meisjes gaan werken in de huishouding, zo ook Annie. Ze kreeg al gauw de betrekking bij de familie Noordhoff als hulp in de huishouding. Het gezin Noordhoff bestond uit vader, moeder en hun twee zoons. Ze kwam er al gauw achter dat directeur Noordhoff heulde met de bezetter. 

 

Annie: Mevrouw was heel aardig maar meneer had een ander karakter. Mevrouw kwam eens bij mij in de keuken om te vragen of ik de laarzen van haar man wilde poetsen. Maar ik wist dat hij fout was en heb dat toen geweigerd.  Mevrouw heeft naderhand met hem hierover gesproken. Ik heb maar heel kort voor de familie Noordhoff gewerkt. 

Nieuwsblad van het Noorden 23-04-1942
Nieuwsblad van het Noorden 23-04-1942

Annie werd nu de hulp in de huishouding voor het nieuwe directeursgezin Jansen. Het gezin Jansen bestond uit vader, moeder en hun vier kinderen. Drie zoons en een dochter, waarvan twee jongens uit zijn eerste huwelijk.

 

Annie: Mevrouw Jansen was een lieve vrouw die vanwege haar broze gezondheid niet zelf veel mocht doen, daarom kwam ze regelmatig bij mij in de keuken kijken. Elke keer als mevrouw dan binnenkwam was het eerste wat ze zei: “Annie, wat heb je de keuken weer gezellig gemaakt, allemaal leuke kleedjes erop” dat is mij altijd bijgebleven. Ik weet ook nog dat er een groot vloerkleed in de kamer lag die ik ben uit gaan kloppen. De ideale plek om dat te doen was over de reling van het bruggetje voor het woonhuis, wel zwaar werk maar ik kreeg het voor elkaar. Bewaarders die passeerden vonden dat uitgeklopt mannenwerk maar ik was oersterk dus kon dat best aan. Mevrouw had geen erg van die schoonmaakacties en meneer had het druk genoeg met zijn werk in de gevangenis. Door de vernieuwingen die meneer Jansen in de Strafgevangenis doorvoerde kon ik regelmatig met het zware werk  worden geholpen door de  lang gestraften. 

 

Ondanks de fijne tijd die ze bij de familie Janssen had wilde ze toch meer zien te verdienen. Ze sprak met vriendinnen van school hierover en die moedigden haar aan om bij hen op kantoor te komen werken; daar tegenover stond dat ze wel moest leren typen. Niet veel later belde haar broer, werkzaam bij Phoenix fietsfabriek te Leeuwarden, dat daar een baan was vrij gekomen. Nu ze kon typen kon ze daarvoor in aanmerking komen. 

 

Annie: Ik had daar eigenlijk geen zin in en zei dat ook tegen mijn broer; het ontbrak mij gewoon aan ervaring. 

 

Haar nieuwe werkgever hield kantoor aan huis, hij woonde vlak bij het station. Echter op een goede dag kwam hij plotseling op straat te overlijden. Mevrouw Janssen vroeg haar of ze terug wilde komen wat ze met liefde accepteerde. Helaas raakte de oorlog ook het gezin Janssen. 

 

Gerrit Nieuwland in kostuum, samen met Aaltje Nieuwland
Gerrit Nieuwland in kostuum, samen met Aaltje Nieuwland

Annie: Ik weet nog wel dat mevrouw eens overstuur bij mij kwam met de mededeling dat meneer was opgepakt en naar kamp Amersfoort was overgebracht. Van de zenuwen schrok ik en schoot in de lach waarvoor ik mij later heel erg schaamde. Ik probeerde haar toch wat troost te geven. Hij was zo’n aardige man. Er moet nog een foto van hem zijn in kostuum; ik ken hem ook niet anders dan zo. 

 

Ze ontmoette haar man, Theo Stok toen de oorlog over was. De familie Stok was over Nederland uitgewaaierd tijdens de hongerwinter.  Theo bleef achter, ondergedoken, maar wel met een hele voorraad voedselbonnen zodat hij die periode door kon komen. Nel, de zus van Theo werd bij een vriendin van Annie ondergebracht en via haar leerde Annie hem kennen.  Op uitnodiging van zijn zuster heeft ze na de oorlog een bezoek gebracht aan Rotterdam, voor haar een hele onderneming en bijzondere ervaring.

 

Contact met de familie Jansen is gebleven. Na haar trouwen bracht ze mevrouw nog regelmatig een bezoek, ze herinnert hun twee jongetjes nog goed. Ook aan de zuster van mevrouw Jansen heeft ze goede herinneringen overgehouden. Zij was getrouwd met een Mulder, samen hadden ze toen één zoontje, Anne. Zij woonden boven hun  eigen kleine boekhandel in de Peperstraat.

Boekhandel Mulder is nog steeds een begrip in Leeuwarden, inmiddels met de 3de generatie aan het roer.

Annie: Luke, één van zoontjes van de familie Janssen, zei eens tegen mij “Annie, kun jij wel dansen? ”Nee, dat heb ik nooit gedaan”. “Nou kom maar mee, gaan wij samen”; zulke leuke jongens. Wat mijn opvolgster betreft: mevrouw Jansen kwam weer eens bij mij. “Annie, het is hopeloos want ze slaapt met schoenen aan in bed op zolder, Annie dit is niet best, wil je niet terugkomen”. Ik heb dat toen niet gedaan want wilde meer geld verdienen.

Hulpbewaarder Gerrit Nieuwland
Hulpbewaarder Gerrit Nieuwland

Haar verhaal zou hiermee verteld kunnen zijn maar dan gaat ze praten over haar vader, Gerrit Nieuwland. In het fotoalbum moet nog een foto van haar vader te vinden zijn in werkkleding. Tijdens de oorlogsjaren was hij hulpbewaarder in de Bijzondere Strafgevangenis van Leeuwarden. Gerrit Nieuwland werd op 21 maart 1944 ingeschreven. Wegens reorganisatie is hij op 1 Mei 1951 ontslagen. 

 

Annie: Vader was een grappenmaker. Zo had hij eens op het werk de kachel aangestoken waarin hij viskoppen had verstopt. Natuurlijk ontkende hij dat bij zijn collega’s maar de stank was ondraaglijk. Zijn collega’s hebben hem eens terug kunnen pakken na zijn woorden; ”mij krijg je niet op de kast” vervolgens werd hij met man en macht op de kast gezet. Vader, klein van stuk, smokkelde onder zijn veel te grote bewaarders-jas regelmatig zaken in of uit de gevangenis voor de gestraften die opgepakt waren door de bezetter, althans dit verhaal deed altijd de ronde. 

 

Annie krijgt foto’s van de kleinkinderen van directeur Janssen te zien die tijdens de reünie in 2017 zijn gemaakt vanachter het bureau waar opa Jansen zat. Enige herkenning heeft ze bij het zien van kleinzoon Mulder, van de boekhandel. 

Met de belofte om contact te gaan zoeken met de familie Jansen neem ik afscheid van deze bijzondere dame. 

 

Sylvia Beers, secretaris Stichting Blokhuispoort.  

met dank aan: de familie Stok.